Overheid en bedrijfsleven

Overheid en Bedrijfsleven 315x275Door Jack P. Kruf

In oktober 2012 publiceerden zowel de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) als de Parlementaire Onderzoekscommissie Privatisering/Verzelfstandiging Overheidsdiensten (POC) van de Eerste Kamer onderzoeksrapporten over de verbindingen en samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven.

De WRR deed dit met het rapport (nr. 87) Publieke zaken in de marktsamenleving. Zij evalueert de verwachtingen van marktwerking, de mate waarin deze de publieke belangen behartigt en de verdeling van verantwoordelijkheden tussen marktpartijen en overheid in de afgelopen decennia. Zij concludeert dat beleid gericht op het behartigen van publieke zaken in de huidige marktsamenleving op een bredere leest moeten worden geschoeid dan waarop het marktwerkingsbeleid werd ontworpen. De WRR werkt deze visie uit met aandacht voor een reële verdeling van verantwoordelijkheden. “De rol van de overheid moet opnieuw worden geijkt, bedrijven gestimuleerd meer maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen en de betrokkenheid met de samenleving te vergroten.”

De POC publiceerde het rapport Verbinding Verbroken?. Het onderzoek richt zich op verbindingen tussen de overheid en geprivatiseerde en verzelfstandigde diensten, tussen het controlerende parlement en de uitvoerders van overheidsbeleid, alsmede tussen overheid en burger. Deze verbindingen zijn cruciaal binnen een democratisch bestel. Het belang van deze relatie komt sterk naar voren in het gesprek van de commissie met mr. H.D. Tjeenk-Willink. De conclusie van het rapport is dat de borging van publieke belangen de afgelopen jaren te weinig en te beperkt aandacht heeft gehad.

Kabinetsreactie
Op 9 april 2013 kwam het Kabinet met een reactie op beide rapporten. Zij bevat niet alleen een heldere samenvatting van beide rapporten, maar geeft ook een heldere duiding van het vigerende beleid ten aanzien van privatisering, verzelfstandiging en marktordening en gaat zij in op de verantwoordelijkheidsverdeling. Het kabinet herkent vele observaties van POC en WRR, onderschrijft, deelt in de analyse, kan zich vinden in de beschreven noties en gaat graag in op de aanbevelingen. Op een enkel punt doet zij reeds een directe eerste toezegging: “Het kabinet zal bij toekomstige besluiten tot privatiseringen zorgen voor voldoende monitoring. Het doel hiervan is te bepalen of de verwachtingen ook daadwerkelijk worden gerealiseerd.”

De onderkenning van het Kabinet “dat bij de borging van publieke belangen sprake is van een maatschappelijk ordeningsproces (niet van een enkel beslismoment) en dat de gewijzigde  publieke belangen altijd bij momenten van politieke besluitvorming moet worden meegenomen” (bron: WRR) is cruciaal voor de ontwikkeling van nieuw beleid in deze.

De minister voor Wonen en Rijksdienst, drs. S.A. Blok beëindigt de Kabinetsreactie met de paragraaf Tot slot:

“Het kabinet hecht veel waarde aan een effectieve borging van publieke belangen; een borging, die belangen van burgers en bedrijven plaatst in het bredere perspectief van een goed functionerende samenleving. De zorg voor deze borging moet centraal staan bij privatisering en verzelfstandiging. Het kabinet is van oordeel dat dit ook belangrijke onderwerpen zijn bij het denken over het openbaar bestuur, aangezien zij leiden tot herdefiniëring van de verbindingen tussen rijksoverheid, parlement, uitvoerders van overheidsbeleid en burgers. Het kabinet gaat hierover graag met het parlement in gesprek.”

Naar nieuwe vormen van samenwerking
Onderzoeken en kabinetsreactie spelen in op door mij op basis van gesprekken (uit de praktijk) en de literatuur gedane persoonlijke constatering (en conclusie) dat veel investeringen, die nodig zijn om uit de financieel-economische en sociaal-maatschappelijke crisis te komen, uiteindelijk voor 90% gefinancierd zullen moeten worden vanuit en door het bedrijfsleven. De overheid beschikt over weinig middelen en kan daarbij slechts 10% bijdragen. Het is een mind-set voor een nieuwe manier van werken in het publieke domein. Eén van gedeeld rentmeesterschap.

De kunst nu is om de in de rapporten beschreven mechanismen werkend te krijgen. De vernieuwing die de WRR en POC impliciet prediken kan voor het kabinet niet beperkt blijven tot een een gesprek met het parlement.

Het feitelijke proces van innovatie is de moeite waard om in gang te zetten. Dit kan alleen door directe dialoog van de overheid met het bedrijfsleven, de banken of andere investeerders,maatschappelijke belangengroepen en vooral burgers. En dat binnen de lijnen van het politieke speelveld. Daarvoor is in mijn ogen veel moed  van en een samenspel tussen overheid en bedrijfsleven nodig. Het is het betreden immers van het onbekende speelveld, altijd lastig in tijden van teruggang. De WRR onderstreept in haar rapport een en ander maal dat “de overheid bij het borgen van publieke belangen ook andere partijen nodig heeft.” Een niet te missen uitdaging, lijkt me.

Rondetafel
PRIMO Europe, Public Risk Management Organisation – “We care about good governance” –  en UDITE, de Europese Vereniging van Gemeentesecretarissen, hebben de nieuwe manier van samenwerken in het publieke domein geagendeerd. Op 25 april 2013 organiseren zij in Brussel de internationale rondetafel PPP Innovation om de innovaties op het gebied van publiek private samenwerking te bespreken.

De overtuiging is er bij beide verenigingen dat verschillende Europese landen erg op elkaar lijken qua publieke domein problematiek, maar toch heel anders zijn in de culturele verkenning en aanpak van publieke private samenwerking. De overtuiging is er dat de landen veel van elkaar kunnen leren. Vandaar een internationale rondetafel. PRIMO en UDITE  zullen op de 11th European Week for Regions and Cities (7-11 Oktober in Brussel) hier een vervolg op geven om de opgedane verkenningen verder uit te werken.